Eerste loonstrook 2019: hoger nettoloon voor vrijwel alle werknemers

 

- Lonen stijgen, maar kosten energie, boodschappen en zorg lopen op
- Vakantiegeld en 13e maand hoger belast

 

Rotterdam, 3 januari 2019 – Het netto bedrag dat onderaan de streep op de loonstrook staat, stijgt in 2019 voor vrijwel alle werknemers. Met name personen met een laag of midden inkomen profiteren van de lagere belasting. Daar tegenover staat een hoger belastingtarief op vakantiegeld en bijzondere beloning zoals een 13e maand.

 

De grootste nettoloonstijging is te zien bij werknemers in de sector Metaal & Techniek met een inkomen van 3.250 euro: zij zien hun maandloon met 63 euro stijgen ten opzichte van 2018. Ambtenaren hebben door hogere pensioenpremies minder geluk en profiteren het minst. “Hoewel de lonen stijgen, lopen ook de kosten voor energie, boodschappen en zorg op door onder meer het lage btw-tarief dat van 6 naar 9% stijgt. Het is dus maar de vraag of werknemers er daadwerkelijk op vooruit gaan”, stelt Martijn Brand, algemeen directeur van ADP Nederland.

Deze cijfers volgen uit berekeningen van HR- en salarisdienstverlener ADP op basis van de belastingtarieven en pensioenpremies vanaf januari 2019.

 

Voor werknemers met een modaal inkomen (2.778 euro) stijgt het nettoloon met 56 euro per maand. Dit komt door hogere heffingskortingen en de daling van het belastingtarief in de tweede en derde schijf van 40,85% naar 38,10%. Mensen met een minimumloon zien per januari 36 euro meer op hun loonstrook staan. Hierin is de halfjaarlijkse aanpassing per januari van het minimumloon meegenomen.

De netto vooruitgang vlakt af vanaf een loon van 5.000 euro per maand. Hoewel deze werknemers profiteren van de lagere belasting, wordt de arbeidskorting sneller afgebouwd. Iemand met een salaris van twee keer modaal gaat er 56 euro op vooruit; wanneer echter 2,5 keer modaal binnenkomt (6.944 euro) is de stijging met 29 euro een stuk minder. Bij drie keer modaal stijgt het nettoloon met 43 euro. Dat komt met name doordat het toptarief daalt van 51,95% naar 51,75%.

 

Negatief effect op vakantiegeld en 13e maand

De belastingmaatregelen hebben in veel gevallen een negatief effect op het vakantiegeld en bijzondere beloningen zoals een 13e maand. Door de snellere afbouw van de arbeidskorting is vaak meer belasting verschuldigd in vergelijking met 2018 – met name bij hogere inkomens. Een modaal inkomen levert 3 euro vakantiegeld in, bij twee keer modaal is dat meer dan 117 euro.

“De eerste loonstrook van 2019 laat duidelijk de effecten zien van de verlaging van de belastingtarieven en de verhogingen van de heffingskortingen”, merkt Dik van Leeuwerden van ADP op. Met de belastingmaatregelen zet het kabinet de eerste stappen naar een ‘twee schijven tarief’ in 2021. “Daarmee lijkt de loonberekening op het oog eenvoudiger te worden voor werkgevers, maar het tegendeel is waar. Onder de motorkap moet er veel gebeuren.”

 

Werknemers in grensstreek stuk lager nettoloon

Doordat bij de loonberekeningen vanaf 2019 geen rekening meer wordt gehouden met het belastingdeel van de heffingskortingen, ziet iemand die niet in Nederland woont een flink lager bedrag op de salarisstrook staan. Er wordt dan ook nog onderscheid gemaakt of de werknemer in een EU-, EER-land of daarbuiten woont. Bij 2.500 euro wordt er bij een inwoner van een EU- of EER-land 41 euro meer ingehouden dan bij een inwoner van Nederland, daarbuiten is het verschil 110 euro.

“Met name werkgevers in de grensstreek en pensioenfondsen kunnen hierover vragen verwachten,” zegt Van Leeuwerden. “Deze personen zijn wel door de Belastingdienst geïnformeerd. Als zij uiteindelijk recht hebben op het belastingdeel van de heffingskortingen wordt dit bij de aanslag over 2019 verrekend.”

 

Metaal & Techniek: flinke stijging in nettoloon

Werknemers in de sector Metaal & Techniek zien hun nettoloon niet alleen stijgen door de lagere belastingtarieven. Ook de pensioenpremies dalen licht. Een werknemer met een modaal loon in deze sector gaat er 51 euro op vooruit. Twee keer modaal houdt maandelijks 61 euro meer over.

 

Zorg & Welzijn: hogere pensioenpremie drukt nettoloon

Ook in de sector Zorg & Welzijn resulteert de lagere belastingdruk in stijgende lonen. Een modale werknemer in deze sector ontvangt netto 51 euro meer in 2019. Twee keer modaal ziet 55 euro meer op de rekening gestort worden. Een hogere pensioenpremie zorgt ervoor dat werknemers met een inkomen van drie keer modaal de loonstijging beperkt ziet tot 5 euro.

 

Transport: hogere pensioenpremie voor hogere inkomens

Ook in de transportsector stijgen de lonen. Minimumloners krijgen 37 euro meer; een werknemer met modaal loon gaat er 52 euro op vooruit. Door een verhoging van de maximum pensioengrondslag gaan werknemers in deze sector die meer verdienen dan 4.500 euro ongeveer 8 euro meer aan pensioenpremie betalen.

 

Overheid: hogere lonen leveren in

Vergeleken met de andere branches stijgen de lonen van ambtenaren het minst. Bij een modaal loon betaalt men in deze sector 8 euro meer pensioenpremie. Hierdoor stijgt het loon met 46 euro. Ambtenaren die twee keer modaal verdienen, betalen 25 euro meer pensioenpremie. Hun loon stijgt daardoor met 45 euro. Ambtenaren die drie keer modaal verdienen, leveren maandelijks 4 euro in.

 

Bouw: stijging lonen

De mutaties in de lonen zijn hier uitgedrukt per vier weken. Ook deze werknemers zien op hun eerste salarisspecificatie een hoger nettoloon staan. Zo gaat een werknemer met een modaal salaris er 56 euro op vooruit. Bij twee keer modaal gaat een werknemer in de bouw er 39 euro op vooruit.

 

Berekeningen en complete cijfers

De algemene cijfers betreffen het nettoloon na aftrek van belasting (berekening is exclusief pensioen- en andere werknemerspremies). De cijfers per sector betreffen het nettoloon na aftrek van belasting, pensioen- en overige branchegerelateerde werknemerspremies. Bij de berekeningen is uitgegaan van pensioenregelingen van ABP, Zorg & Welzijn, Bouw, Transport en Metaal & Techniek. Waar wordt gesproken over pensioenpremies, zijn ook andere verplichte inhoudingen zoals de WIA-bodem- en WGA-hiaatverzekering in de berekeningen meegenomen. ABP-pensioenregelingen gelden voor diverse sectoren. ADP is uitgegaan van de sector ‘overheid, onderwijs’. Voor Zorg & Welzijn is gekeken naar ‘kinderopvang’. Voor de sector Transport is uitgegaan van ‘beroepsgoederenvervoer’. Voor de sector Bouw is gerekend met lonen per vier weken. Bij de verschillen van het minimumloon is de reguliere minimumloonstijging meegenomen.

De complete cijfers zijn te vinden op www.adp.nl/eerste-loonstrook/werknemers.
Een toelichting op de nieuwe loonstrook is te vinden op www.adp.nl/uitleg-loonstrook.

 

Over ADP Nederland

Krachtige technologie met een menselijke kant. Ongeacht grootte of branche vertrouwen bedrijven over de hele wereld op ADP’s cloud software en expertise om het potentieel van hun mensen te benutten. HR. Talent. Excasso. Payroll. Compliance. Samen halen we het beste uit uw menselijk kapitaal.

Het ADP-logo en ADP zijn geregistreerde handelsmerken van ADP, LLC. Alle overige handels- en servicemerken zijn het eigendom van hun respectievelijke eigenaren. ©2019 ADP, LLC.