Ontslagregels
per 1 juli 2015

WWZ en de werknemer

Vanaf 1 juli 2016 wordt het mogelijk om bij werk dat wegens seizoens- of klimatologische omstandigheden slechts 9 maanden per jaar kan worden gedaan, bij cao te bepalen dat de tussenliggende periode minimaal 3 maanden moet zijn.

 

UWV of kantonrechter?

In het verleden kon een werkgever die een medewerker wilde ontslaan naar eigen inzicht toestemming vragen aan het UWV of de zaak voorleggen aan de rechter.

Onder de WWZ is dit afhankelijk van de reden voor het ontslag:

  • Gaat het slecht met het bedrijf en vallen er dus ontslagen om bedrijfseconomische redenen? Dan loopt het ontslag via het UWV.

  • Ook wanneer een werkgever de arbeidsovereenkomst vanwege langdurige arbeidsongeschiktheid van de medewerker wil beëindigen beoordeelt het UWV de gang van zaken.

  • Ontslag om een andere reden? Dan komen werkgever en werknemer altijd bij de kantonrechter terecht.

In gelijke situaties geldt dus een gelijke behandeling.

 

LET OP:

Zowel UWV als kantonrechter hebben tijd nodig om een beslissing te nemen. Deze tijd kan worden afgetrokken van de opzegtermijn. Wel moet er een maand opzegtermijn overblijven. Het is nog steeds mogelijk om samen met uw werkgever zonder tussenkomst van UWV of de rechter een beëindigingsovereenkomst te sluiten. Dit kan alleen schriftelijk waarna u een bedenktijd hebt van 14 dagen. Uw werkgever is verplicht u hier op te wijzen. Wijst uw werkgever u niet op de bedenktijd, dan wordt deze verlengd tot drie weken. 

 

Transitievergoeding

  • De werkgever betaalt deze vergoeding aan u wanneer u 2 jaar of langer bij hem hebt gewerkt.
  • Ook werknemers die 104 weken ziek zijn geweest hebben recht op een transitievergoeding.
  • De vergoeding wordt opgebouwd per 6 maanden diensttijd. De vergoeding bedraagt 1/6 maandsalaris per half dienstjaar en 1/4 maandsalaris per half jaar dat u langer dan 10 jaar in dienst bent geweest.
  • De ontslagvergoeding mag maximaal € 76.000 zijn of één jaarsalaris wanneer dit hoger is.
  • De werkgever mag de kosten van bijvoorbeeld outplacement of scholing aftrekken van de vergoeding. Deze kosten moeten zijn gemaakt met oog op het ontslag en in overleg met u.
  • Wanneer er tijdens het dienstverband kosten zijn gemaakt voor maatregelen voor brede inzetbaarheid op de arbeidsmarkt, dan mag de werkgever deze ook aftrekken wanneer u hiermee instemt.
  • De transitievergoeding is vooral ongunstig voor werknemers die lang in dienst zijn en een hoog salaris verdienen.
 

Voorbeeld

Pieter Doormaal (15 maart 1961), werkt al sinds januari 1994 bij een metaalbewerkingsbedrijf en verdient daar €4.000 per maand. Hij wordt ontslagen per 31 augustus 2016.

De transitievergoeding bedraagt: - 1/3 maandsalaris per dienstjaar < = 10 jaar. - 1/2 maandsalaris per dienstjaar vanaf 10 jaar - boven de 50 jaar = 10 dienstjaren = 1 maand per dienstjaar De transitievergoeding van Pieter bedraagt nu dus 12,08 x € 4.320 = € 52.185

 

Voorbeeld

Hilary Jansen (16-03-1981) werkt sinds januari 2007 bij een call center en verliest per 31 augustus 2016 haar baan. Ze verdiende € 3.000 per maand.

De transitievergoeding komt  omdat ze nog geen 10 jaar in dienst is uit op:

- 1/3 maandsalaris per dienstjaar < = 10jaar: 3,8 x € 3240 = € 12.312.

LET OP:  Heeft u het ontslag aan uzelf te danken, bijvoorbeeld omdat er sprake was van diefstal of van grensoverschrijdend gedrag tegenover collega’s, dan krijgt u geen vergoeding.

Wie werkloos wordt en niet direct in een nieuwe baan kan beginnen, heeft – behalve als er sprake is van zogeheten verwijtbare werkloosheid – recht op een WW-uitkering. Daarvoor meldt u zich bij het UWV.

 

WW-uitkering per 2016

HOE WAS HET? HOE IS HET PER 01-01-2016?
(Publieke) duur: maximaal 38 maanden > Maximaal 24 maanden. Dit geldt vanaf 2019.
Vanaf 2016 wordt de duur bij aanvang van elk kwartaal met een maand verminderd. 
Hoogte: 2 maanden 75% en daarna 70% dagloon Blijft gelijk, dus: 2 maanden 75% en daarna 70% dagloon
Opbouw: 1 jaar arbeidsverleden = 1 maand WW 1e 10 jaar: 1 jaar = 1 maand WW en daarna elk jaar arbeidsverleden = 1/2 maand WW
Na 1 jaar is alle arbeid passend Na 1/2 jaar is alle arbeid passend
Urenverrekening en voor kleine groep na 1 jaar inkomensverrekening Inkomensverrekening vanaf 1e WW-dag
 

IOW

Er moeten de komende jaren steeds meer ouderen aan de slag blijven. Ondanks alle maatregelen vinden oudere werkzoekenden in de praktijk maar moeilijk een nieuwe baan. Speciaal voor deze groep was er de IOW – waarvoor in tegenstelling tot de bijstandsuitkering eventueel vermogen en het inkomen van de partner niet meetellen. De IOW zal tot 2020 doorlopen.

Meer weten:

  • www.uwv.nl
  • www.nibud.nl