Wab: de 3 aandachtspunten voor iedere werkgever

Wab: de 3 aandachtspunten voor iedere werkgever

Door Sten Nouwens - 22 augustus 2019
 

Nog voordat de Wet werk en zekerheid (Wwz) is geëvalueerd, werd de opvolger al aangekondigd: Wet arbeidsmarkt in balans (Wab). Vanaf 1 januari 2020 gaat hiermee een aantal zaken veranderen om de balans tussen ‘vast’ en ‘flex’ te herstellen, iets wat met de Wwz nog onvoldoende uit de verf kwam. Heeft u als werkgever de belangrijkste wijzigingen al in kaart? ADP zet in dit blog de drie aandachtspunten op een rij waarop u zich mogelijk nog dít jaar moet voorbereiden.

 

1. WW-premie omhoog voor flexcontracten en tijdelijke dienstverbanden

Om u als werkgever te motiveren werknemers eerder een vast contract aan te bieden, gaat de WW-premie op de schop. De huidige sectorpremies en de Awf-premie worden afgeschaft en daarvoor in de plaats komen twee standaardtarieven: hoog en laag. De exacte percentages voor de twee tarieven worden met Prinsjesdag bekendgemaakt, maar vooralsnog wordt gerekend met 2,78% en 7,78%. Voor alle medewerkers zonder vast contract (flexcontracten, nulurencontracten en tijdelijk dienstverband) moet de werkgever het hoge tarief betalen. Voor werknemers in vaste dienst geldt het lage tarief. Klinkt simpel, maar er zijn situaties waarbij extra alertheid geboden is. Stel, u heeft een medewerker in vaste dienst voor 24 uur per week, maar hij werkt elke week wel 30 uur of meer. Vanwege het flexibele karakter van dit dienstverband, moet u in dit geval toch de hoge WW-premie betalen. Om in het lage tarief te blijven, mag het vaste dienstverband niet meer dan twintig procent worden uitgebreid. Dit wordt per jaar met terugwerkende kracht getoetst.

Om deze veranderingen te controleren, is het vanaf 1 januari verplicht om meer informatie op de loonstrook te vermelden. Zo moeten werkgevers voortaan aangeven wat voor contract het betreft (flex, vast, oproep, bepaalde of onbepaalde tijd) en om hoeveel contractuele uren het gaat. Door de werknemers zelf te laten meekijken, wordt het proces minder fraudegevoelig.

 

2. Vanaf dag één al recht op transitievergoeding

Als u als werkgever een medewerker ontslaat, dan moet u de werknemer een transitievergoeding betalen wanneer hij minimaal twee jaar in dienst is geweest. Deze vergoeding is bedoeld om de overstap naar een andere werk te bevorderen. Vanaf 1 januari 2020 vervalt de termijn van twee jaar en kan er vanaf dag één al sprake zijn van recht op transitievergoeding bij ontslag. Stel, u neemt een vakantiekracht in dienst en al in de eerste maand blijkt dat hij niet goed functioneert. Bij ontslag bent u in de nieuwe situatie verplicht een – weliswaar beperkte – transitievergoeding te betalen. De hoogte van de transitievergoeding wordt vanaf 1 januari 2020 geüniformeerd: een derde maand per dienstjaar.

 

3. Meer rechten voor oproepkrachten

De Wab maakt werk van het beschermen van oproepkrachten. Zo bent u als werkgever straks verplicht een oproepkracht een contract aan te bieden wanneer de werknemer twaalf maanden in dienst is geweest. Heeft u bijvoorbeeld een werknemer gedurende een jaar voor gemiddeld achttien uur opgeroepen, dan moet u hem een contract voor dat aantal uur aanbieden. Deze verplichting herhaalt zich ieder jaar. Let op, er is geen overgangsrecht. Dat betekent dat werkgevers met oproepkrachten in 2019 mogelijk al meteen in januari 2020 contracten moeten aanbieden.

Ook moeten werkgevers in de toekomst beter gaan nadenken over de inzet van oproepkrachten. Wanneer u een medewerker oproept voor minimaal drie uur en uiteindelijk binnen vier dagen voorafgaand aan deze dienst alsnog afzegt, dan bent u in veel gevallen verplicht deze werknemer gewoon te betalen.

 

Meer weten over Wab?

Wilt u meer weten over de Wet arbeidsmarkt in balans of andere trends en veranderingen die voor u als werkgever relevant zijn? Meld u dan aan voor de kosteloze Back to work breakfast session van ADP op 20 september van 8:00 tot 10:15 uur in Rotterdam.