Voorkom sterke kostenstijgingen bij verlenging van uw pensioencontract

Door Eko Loijenga - 14 februari 2017

 

Tijdige actie altijd noodzakelijk

Een co-productie van Cindy Centen en Eko Loijenga

Als eind 2017 het pensioencontract van uw organisatie afloopt na een contractperiode van (meestal) 5 jaar, kunt u als werkgever nog wel eens voor grote verassingen komen te staan. Dit is vooral het geval bij verzekerde middelloonregelingen. In feite is in alle situaties tijdige actie noodzakelijk. 

 

Ook bij beschikbare premieregelingen zijn er aandachtspunten voor een werkgever bij verlenging van een contract. Meer hierover in een volgend artikel.
Vaak is het de wens van de werkgever om de kosten van de pensioenregeling beheersbaar en stabiel te houden. Maar de huidige praktijk is dat een grote kostenstijging (50-100%) te verwachten is bij het nieuwe voorstel dat de verzekeraar uit zal brengen. De belangrijkste redenen hiervoor zijn de sterk gedaalde rentestand en de toegenomen levensverwachting. 

 

Actie is altijd nodig

Uiteraard bestaat de mogelijkheid om de hogere kosten van de verzekeraar te accepteren en de pensioenregeling verder ongewijzigd te laten. Het is wel verstandig om dan (ruimschoots op tijd) ook nog bij andere verzekeraars een offerte te vragen, maar de verschillen zullen niet substantieel zijn ten opzichte van de eerdergenoemde kostenstijging van 50-100%. Een kanttekening hierbij is dat er thans nog maar weinig verzekeraars zijn die nog dergelijke pensioenregelingen willen verzekeren. En hou verder wel rekening met de benodigde instemming van de Ondernemingsraad bij verlengingen/wijzigingen in uw pensioencontract. 

 

Alternatieven voor sterke stijging

Voor de werkgevers die die hogere lasten niet kunnen óf willen dragen bestaat een aantal alternatieven:

  • De huidige regeling versoberen
    De pensioenregeling blijft dan een (zuivere) middelloonregeling met harde garanties van de verzekeraar. Er is wel (bijna) een halvering van de opbouw nodig voor gelijke kosten. Dus als het huidige opbouwpercentage van het ouderdomspensioen 1,875% per jaar is, zal dat voor gelijke kosten verlaagd moeten tot een percentage dat ligt tussen de 0,9% en 1,25%, geen fijne boodschap dus richting werknemers!
  • De regeling onderbrengen bij een Algemeen Pensioenfonds (APF)
    Een APF is een vrij nieuwe uitvoeringsvorm voor pensioenen. Pas sinds een paar maanden zijn deze APF’en actief. De pensioenregeling blijft dan een middelloonregeling, maar anders dan bij een verzekeraar. En worden namelijk geen harde garanties verleend op de opgebouwde aanspraken. Dit betekent dat de opgebouwde aanspraken – net als bij een pensioenfonds – afgestempeld kunnen worden als blijkt dat de aanwezige middelen te laag zijn. De verhoging van de premie zal hierdoor hoogstwaarschijnlijk iets minder groot zijn. Dus voor het handhaven van de kosten zal het opbouwpercentage hoogstwaarschijnlijk iets minder verlaagd hoeven te worden.
  • Overgaan naar DC (beschikbare premie)
    Dit is de meest ingrijpende wijziging en toch zien wij in de praktijk veel werkgevers die voor deze mogelijkheid kiezen. De reden is dat het verwachte pensioen bij vergelijkbare kosten in deze variant het hoogst is. Daar staat tegenover dat er ook neerwaartse risico’s zijn die bij de werknemers komen te liggen. Toch lijken op dit moment de voordelen op te wegen tegen de nadelen. Daarnaast zien wij dat dit wel de tendens van de markt is: Verdergaande individualisering van de opbouw van pensioenaanspraken gecombineerd met het delen van risico’s met elkaar (overlijden, arbeidsongeschiktheid).
    Een beschikbare premieregeling kan onder worden gebracht bij een verzekeraar, maar de laatste jaren zien wij vooral dat zogenoemde premiepensioeninstellingen (PPI’s) succesvol zijn op deze markt. In het volgende artikel wordt ingegaan op beschikbare premieregelingen.
 

Altijd instemming OR en werknemer nodig

Aangezien de genoemde alternatieven een wijziging van de pensioenregeling betreffen, zal naast instemming van de individuele werknemer ook instemming van de OR noodzakelijk zijn. En ook voor de wijziging van het verzekeringscontract (en eventueel de uitvoerder) is instemming van de OR vereist. Een goede communicatie met de werknemers én de OR zal dus noodzakelijk zijn en uiterst zorgvuldig moeten plaatsvinden. Ons advies is dus om op tijd te starten. Bij voorkeur in het eerste kwartaal van het jaar, maar in ieder geval ruim voor de zomervakantie. 

 

Actieplan:

Concreet: Controleer zo snel mogelijk de einddatum van uw pensioencontract. Als dit 31-12-2017 is, neem dan de volgende acties:

  • Neem zo snel mogelijk contact op met een onafhankelijke pensioenadviseur zoals Focus Orange
  • (Her)formuleer het pensioenbeleid van uw onderneming
  • Combineer dit traject met de vereiste wijzigingen in uw pensioenregeling per 01-01-2018 in verband met de wijziging van de fiscale pensioen(richt)leeftijd naar 68 jaar per die datum
  • Vorm een werkgroep, betrek de OR/werknemers op tijd
  • Maak tijdig een projectplan, inclusief een communicatieplan.