Zonodig bereikbaar?

Door Saskia Uit den Bogaard - 16 september 2016

 

Het is 17:48. Tijd om naar huis te gaan. Lekker even een rondje hardlopen, dan snel onder de douche springen en kijken hoever mijn echtgenoot is met het maken van een heerlijk bord pasta.

 

Daarna op de bank ploffen voor een goede actiefilm. Even niks… Of toch nog even dat maandrapport afmaken waar ik vandaag niet meer aan toe gekomen ben en waar iedereen op zit te wachten? Tenslotte is het alweer de eerste van de maand en verwacht men van mij dat ik de cijfers rondstuur.

Ik ben verantwoordelijk voor deze cijfers,  dus met een kleine zucht start ik toch maar even mijn laptop op na het eten. Ik zie gelijk dat ik niet de enige ben. Mijn collega had ook beloofd het aangepaste projectplan voor de implementatie van een belangrijke klant aan te leveren, die zit netjes in mijn mailbox. 3 minuten geleden verstuurd. Maar daarmee wel haar target gehaald. Het inkomende telefoontje van een sales consultant druk ik weg. Die moet maar tot morgen wachten.

 

9 to 5?

Hoewel je op sommige verloren plekken nog wel eens een 9 tot 5-mentaliteit tegenkomt, wordt in vacatures al niet eens meer gevraagd om het niet te hebben. Het is gewoon geworden om altijd beschikbaar te zijn. Bijna iedereen heeft een laptop, en anders op zijn minst wel een mobiele telefoon waarop je je zakelijke mail en agenda kunt ontvangen.

De mijne staat ook al vol met zakelijke apps. Terwijl ik woensdagavond op mijn paard hobbel kan ik dan ook declaraties van mijn medewerkers goedkeuren, discussies voeren op het ADP-forum of chatten met een collega die ook nog online is. Ik ben een van de weinigen die de i-Pad alleen nog maar in de privésfeer gebruikt.

 

Normaal is niet altijd wenselijk

Het is normaal, maar is het ook wenselijk? Mag je van je medewerkers vragen om op elk moment van de dag of week beschikbaar te zijn voor het werk? Waar ligt dan die fijne scheidslijn van wat acceptabel is en wat niet? Hoe hou je privé en werk gescheiden? Het gebeurt regelmatig dat ik vlak voordat ik naar bed ga nog even in mijn agenda kijk wat er de volgende dag van mij verwacht wordt.

Met die actie synchroniseer ik ook gelijk mijn mail, en ik kan het niet laten om even snel te kijken wat er binnengekomen is. Soms heb ik daar spijt van. Een escalatiemail vlak voordat je wil gaan slapen is vaak niet bevorderlijk voor je nachtrust.

Meer voorbeelden: je agenda voor maandag aanpassen naar aanleiding van een mail op zaterdagmiddag. En andersom: ‘s avonds laat per mail een vraag stellen en direct antwoord verwachten. Maar dan toch gemengde gevoelens hebben als ik dat antwoord dan een half uur later ook daadwerkelijk ontvang. Blij omdat ik verder kan, maar me wel afvragend waarom die persoon in godsnaam nog aan het werk is.

 

Een godsgeschenk

Ik realiseer me ook dat het voor sommige mensen een godsgeschenk is. Flexibel kunnen werken geeft heel veel vrijheid om bijvoorbeeld de kinderen op te kunnen vangen of andere persoonlijke bezigheden te kunnen doen.  

Soms is het nodig al om 16:00 aanwezig te zijn bij een ouderbijeenkomst, dan is het fijn als je die offerte daarna gewoon even af kunt maken. En carrière maken gaat ook vaak gepaard met veel extra werk op kunnen pakken, ook al is dat in de avonduren of in het weekend. Toch blijft bij mij de vraag hoe je er voor zorgt dat werk en privé in balans blijven. En of het echt een kwestie is van flexibel werken, of dat er niet stiekem het maken van veel meer uren dan afgesproken achter schuil gaat.

Ik heb ooit een discussie gehad met mijn toenmalige directeur over overwerken en werken op zondag. Hij vond dat ik dat niet zo heel veel deed en zette een vraagteken bij mijn inzet. Ik gaf toen aan dat ik efficiënt werkte om op zondag niet over te hoeven werken. Maar ik snap wel dat er zoveel mensen, zoveel wensen zijn op het gebied van wanneer iemand werkt. Want waarom niet op een regenachtige zondag aan een plan werken om dan op die zonnige woensdag lekker op een terras aan het strand te gaan zitten?

 

De oplossing: outputgestuurde organisaties

Ik pleit dan ook voor output gestuurde organisaties. Je krijgt een opdracht en daar moet je een bepaald resultaat voor opleveren. En hoe je dat doet, en wanneer je dat doet, dat moet je lekker zelf weten. De technologie maakt het mogelijk. Het is alleen het menselijke aspect dat maakt hoe fijn die lijn is.