Te late aangifte of betaling
Wat nu als u een aangifte en/of betaling een keer te laat doet?
Wat nu als u een aangifte en/of betaling een keer te laat doet? Als u een aangifte helemaal niet of te laat indient, is er sprake van een aangifteverzuim. Als u niet, niet volledig of te laat betaalt is er sprake van een betalingsverzuim. Beide verzuimen kennen een eigen boeteregime maar de Belastingdienst kan deze boetes wel tegelijkertijd opleggen. Levert u de aangifte te laat in én betaalt u ook te weinig, krijgt u dus twee boetes.
Aangifteverzuim
De maximale boete voor een aangifteverzuim is €1.230. Maar volgens het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst (BBBB), legt de inspecteur slechts één boete op van 5% van het wettelijk maximum van € 1.230. Per saldo kan er dus slechts een maximale boete worden opgelegd van € 62 als u een aangifte te laat indient.
Dient u de aangifte binnen zeven dagen na afloop van de wettelijke termijn in, dan wordt er helemaal geen boete opgelegd. Tot 2009 was een verzuimboete nog afhankelijk van een verzuimenreeks en werd er bij een eerste verzuim geen boete opgelegd. Met ingang van 2009 wordt er niet meer naar een verzuimenreeks gekeken. Meteen vanaf het eerste verzuim wordt er een boete opgelegd als u zeven dagen of meer te laat bent.
De Belastingdienst houdt de mogelijkheid voor een maximale boete van € 1.230 wel open en in uitzonderlijke gevallen kan die worden opgelegd. Bijvoorbeeld in het geval dat een werkgever stelselmatig geen of te laat aangiften indient.
Betalingsverzuim
Betaalt u niet, of slechts een gedeelte of te laat, dan wordt u geconfronteerd met een betalingsverzuim. De maximale boete voor een betalingsverzuim is € 4.920. Maar het BBBB regelt dat de inspecteur slechts een boete oplegt van 2% van het niet of te laat betaalde bedrag met een maximum van € 4.920. De boete is altijd minimaal € 50. De boetebepaling voor een betalingsverzuim kent een begunstigende bepaling. Betaalt u uiterlijk binnen zeven dagen na afloop van de uiterste betaaldatum, dan wordt er geen boete opgelegd als de betaling over het voorgaande tijdvak wel tijdig was.
U heeft geen aangifte gedaan
Als u helemaal geen aangifte indient terwijl dit wel zou moeten, zal de Belastingdienst u dwingen om alsnog een juiste aangifte in te dienen. In tegenstelling tot andere belastingmiddelen zoals inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting, stuurt de fiscus niet eerst een aanmaning maar wordt meteen een naheffingsaanslag opgelegd die wordt verhoogd met een boete.
Omdat de Belastingdienst ook niet weet wat de juiste bedragen moeten zijn, zal dus een schatting gemaakt worden. Bij die schatting wordt weliswaar - indien aanwezig - gebruik gemaakt van gegevens over voorgaande tijdvakken, maar u kunt zich voorstellen dat de schatting niet aan de lage kant zal zijn. Krijgt u zo'n ambtshalve naheffingsaanslag, dan moet u binnen zes weken na dagtekening van die aanslag bezwaar maken en alsnog de juiste aangifte indienen.
De Belastingdienst gaat overigens niet meteen de eerste dag na het verstrijken van de termijn over tot actie. De aanslagselectie wordt een aantal dagen na de uiterste inlever- en betaaldatum gemaakt. De fiscus geeft niet precies aan hoeveel dagen er wordt gewacht, maar er worden in ieder geval zeker zeven dagen in acht genomen.
Voorbeeld 1
De aangifte loonheffingen van F B.V. over de maand juni wordt ingediend op 4 augustus. De betaling wordt door de Belastingdienst ontvangen op 6 augustus. In totaal wordt er € 150.000 afgedragen. Dit bedrag is ook aangegeven. F is over de maand maart ook al te laat geweest met zijn aangifte en betaling voor de loonheffingen. De inspecteur zal geen boete opleggen voor de loonheffingen over de maand juni. Weliswaar zijn de aangifte en ook de betaling te laat binnen maar dit wordt niet als een verzuim aangemerkt omdat de aangifte en betaling wel binnen de termijn van zeven dagen binnen zijn. Het verzuim van maart telt niet mee in de beoordeling.
Voorbeeld 2
F B.V. uit voorbeeld 1 dient de aangifte loonheffingen over de maand juli niet in. F B.V. ontvangt op 20 september een naheffingsaanslag met een te betalen bedrag van € 200.000. Deze aanslag wordt verhoogd met een aangifteverzuimboete van 5% van € 1.230 is € 62. Daarnaast wordt er een betalingsverzuimboete opgelegd van 2% van € 200.000 is € 4.000. F B.V. maakt bezwaar en dient alsnog op 10 oktober de juiste aangifte in. De Belastingdienst ontvangt de betaling op 11 oktober. In totaal is er € 120.000 af te dragen. Uiteindelijk blijft de boete wegens het aangifteverzuim tot een bedrag van € 62in stand en wordt de boete wegens het betalingsverzuim teruggebracht naar 2% van € 120.000 is € 2.400.